Nieuwste onderwerp

BEGIN

illustratie: Yvonne Jagtenberg, klik voor grotere versie

Sonja - Yvonne Jagtenberg

Ineens was alles donker. Zo wisten ze dat het einde was gekomen.

Sommigen werden wakker in een nacht die duisterder was dan normaal, zonder sterrenhemel of nachtlampjes of het flikkerende televisiescherm waar ze voor in slaap waren gevallen. Sommigen liepen door winkelstraten, lakten hun teennagels, keken naar hun aangespannen spieren in de spiegel; anderen graaiden in vuilnisbakken naar etensresten, naaiden lappen stof tot eindeloze zomerjurkjes, liepen in diezelfde winkelstraten naast hun geliefde zonder elkaars hand vast te durven houden. Voor iedereen ging het licht uit.

Er was stilte voor er paniek was. Een paar seconden lang zoog de hele wereld een diepe teug lucht de longen in, wachtend tot alles weer normaal zou worden, een computer met kuren die even opnieuw moet opstarten.

Het bleef donker. De mensen schuifelden blindelings door huizen naar buiten, riepen hun buren, botsten tegen elkaar op en pakten handen vast, dromden samen op pleinen en plantsoenen en parken. Velen bleven binnen, het hele gezin bijeengesprokkeld op de bank, de deur op slot gedraaid, de oren gespitst. Iedereen wachtte tot iemand ze kon vertellen wat er aan de hand was. Tot een slimme man in een duur pak een podium zou beklimmen en met een megafoon aan zijn lippen zou uitleggen wat er mis was gegaan en hoe snel het weer opgelost zou zijn. Ondertussen rommelden ze met aanstekers, lucifers, zaklampen op batterijen, alles wat ze ook maar een beetje verlichting kon bieden, maar niks werkte. Niemand had een verklaring.

De mensen waren bang, en toen niemand hun angst kon sussen veranderde die in woede en wantrouwen en haat. Ze wezen met beschuldigende vingers naar vreemden die verscholen zaten in het duister. Ook al konden ze elkaar niet meer zien, ze werden boos op de mensen die anders praatten, anders roken, anders dachten over de dingen dan zij. Soms bleef het niet bij roepen. Dan duwden en sloegen ze zonder te zien wie ze raakten, tot hun vuisten er pijn van deden. Als ze zelf werden beschuldigd, klemden ze hun handen over hun oren en schreeuwden ze nog luider. Niemand wilde de veroorzaker zijn van de duisternis.

Maar tussen het geroep en de verwijten was er ook stilte. Na de vechtpartijen waren er mensen die de gevallenen weer overeind hielpen, bloed van onzichtbare voorhoofden depten, iedereen omhelsden die pijn had. Kleine groepjes kwamen samen op stoepranden en praatten, luisterden. Ze stelden vragen zonder vooroordeel en leerden dingen die ze nooit hadden geweten. In het donker durfden ook degenen te spreken naar wie eerst niet geluisterd werd, en ze merkten dat hun stemmen krachtig waren en mooi en belangrijk, en zij durfden ook te schreeuwen om de haatdragers tot stilte te manen.

De duisternis duurde lang, veel te lang. Vaak voelde het uitzichtloos. Tot de mensen een paar zwakke lichtjes aan de hemel ontdekten. Ze waren haast niet te zien, maar ze waren er. En hoe vaker de mensen praatten en luisterden en voelden, hoe meer lichtjes er verschenen, en hoe feller ze straalden. Langzaam keerde het zicht terug. Sommigen vielen terug in de oude patronen, dan barstte de boel weer los in scheld- en vechtpartijen, en doofden de lampjes onmiddellijk. Maar meestal kwam er niet lang daarna weer een explosie van nieuwe warmte.

De mensen spoorden elkaar aan om beter hun best te doen. Ze keken naar zichzelf en vonden hun eigen gebreken, zodat ze die konden corrigeren, en hun kinderen die in de toekomst niet zouden overnemen. Feller en feller ging het licht weer schijnen, tot uiteindelijk alles helderder was dan ooit tevoren, en opnieuw kon beginnen.

« terug naar blog

Reageer

Wat lees ik?

(Momenteel) Knielen op een bed violen - Jan Siebelink

Wat luister ik?

Van alles, maar vooral The Beatles

Wat kijk ik?

The Godfather & Midnight in Paris

Quote

"A word after a word after a word is power" - Margaret Atwood