Nieuwste onderwerp

Westenberg/Wijenberg

 

Ik was op een feest waar Monique Westenberg ook was.

Het feest vond plaats in een monumentaal herenpand aan een Amsterdamse gracht waar ik, als er geen feest werd gegeven, niet gauw zou binnenkomen. Laat staan uitgenodigd zou worden. Voor dit feest was ik ook niet echt uitgenodigd. Ik ging mee met een vriend. Hij kende de eigenaar van de pand, tevens de organisator van het feest. Die was ook bevriend met Monique Westenberg. Op de avond van het feest had iedereen het over haar. ‘Ze is op dit feest,’ zoemde het op fluistertoon door de hoge kamers, gevolgd door de locatie waar ze voor het laatst was gezien en met wie. Met haar zus op de toiletten. Aan de bar met een handvol kalende mannen in bombers. Eenzaam en alleen in de badkuip met een traan op haar wangen en een zak cheese union in haar schoot. Je wist haar exacte coördinaten in het pand nog voordat je wist waar je je jas moest op hangen.

Mijn vriend en ik werkten onze make-up bij in de badkamer en mengden ons vervolgens onder de mensen. Hij wilde naar de dansvloer. Hij had de laatste tijd een hele hoop nare shit meegemaakt en dat wilde hij graag van zich af dansen. Ik zei dat ik ook wel zin had in een dansje, maar dat ik ook graag met mijn eigen ogen Monique Westenberg wilde zien. Al was het maar om zeker te weten dat ze er was. Een feest met een beroemdheid zoals Monique Westenberg, zei ik, is een heel ander soort feest dan een feest zonder beroemdheid. Hij knikte begrijpend en gebaarde dat ik maar snel moest gaan. Ik kuste zijn gepoederde wang. Ik beloofde dat ik hem over een uur op de dansvloer zou treffen. Of al eerder als ‘Toxic’, ‘Maneater’ of ‘Push the Button’ werden gedraaid. Toen dook ik het feestgedruis in.

 

Volgens de laatste fluisteringen zat Monique Westenberg op een bankje in de serre, half verscholen achter de bladeren van een gatenplant. Ik drukte mijn tamelijk kleine lijf door de massa. In een ruimte die de serre moest zijn, klom ik op een kastje. Ik keek om me heen. De geruchten bleken te kloppen. Ik zag haar. Monique was nog in de serre, al was ze inmiddels opgestaan en leunde ze nonchalant tegen een boekenkast. In haar ene hand hield ze een damessigaret, in de andere een cocktailglas met een parapluutje.

Tot mijn verbazing herkende ik haar meteen. Ze leek precies op zichzelf. Haar lange, honingblonde haar, haar appelwangen, die ronde, ijsblauwe ogen die er met een laser in leken te zijn gekerfd. Om haar ogen was de huid net iets lichter dan op de rest van haar gezicht, waardoor ze eruit zag alsof ze zojuist was teruggekeerd van een zonnige wintersportvakantie. Het voelde als een belediging, hoe ze daar zo stond als zichzelf. Ze deed niet eens een poging om niet op te vallen. Het leek wel alsof het spelen van een andere rol voor deze gelegenheid haar te veel moeite was en ze daarom, uit gemakshalve, maar weer gewoon als Monique Westenberg was komen opdraven. Ze had niet eens een ander kapsel genomen sinds haar breuk.

Ik maakte snel een foto van haar. Hij was een beetje wazig, maar ik durfde geen nieuwe te maken uit angst dat ik betrapt zou worden. Ik stuurde de foto via WhatsApp naar mijn moeder en een aantal vrienden. Daarna liep de keuken in om mijn glas te vullen. Terwijl ik mezelf bijschonk, luisterde ik een gesprek af dat vlakbij werd gevoerd. Een vrouw in een geel broekpak zei tegen een andere vrouw dat er eerder op de avond een vrouw op het feest was verschenen die bizar veel op Bridget Maasland had geleken. Zelfs haar stem was gelijk aan die van Bridget. Men had unaniem besloten dat de aanwezigheid van deze vrouw te pijnlijk was voor Monique, waarna ze zonder pardon buiten was gezet. Ze had daarna nog een aantal keer geprobeerd om weer binnen te komen. Toen ze voor de derde keer was betrapt, was ze tierend en met haar middelvinger in de lucht weggefietst.

‘Zielig, hè?’ zei de ene vrouw.

‘Ja,’ zei de ander. ‘Maar ik rouw er niet om. Platinablonde vrouwen met vuurrode lippenstift zijn altijd heksen. Dat is een universeel gegeven.’

 

Toen ik terugkwam in de serre, was de houten eettafel gebombardeerd tot het speelveld voor een potje beerpong. Monique Westenberg speelde ook. Ze was aan de beurt. Ik zette mijn wijnglas weg en schoof zo onopvallend mogelijk in de rij die zich achter haar had gevormd. Monique gooide mis, haar tegenstander raak. Ze zette een beker aan haar mond en dronk gulzig. Niet veel later raakten we in gesprek, nadat ik haar had gecomplimenteerd om haar jurk. Ze zei ‘dankjewel’. Ze bekeek me van top tot teen. Ik geloof dat ze ook iets aardigs over mijn outfit wilde zeggen, maar dat ze niks kon vinden wat haar écht beviel. Om mijn aandacht af te leiden, wees ze naar de dampende schaal die als een frisbee door het huis ging.

‘Wat is jouw favoriete partysnack?’ vroeg ze.

‘Dat ligt eraan,’ begon ik. ‘Als de partymix  niet vegetarisch is, dan is de kaassoufflé mijn favoriet. Als hij wel vegetarisch is, is de kaassoufflé ook mijn favoriet, alleen dan wel om compleet andere redenen.’

Ik schaamde me nog voordat ik was uitgesproken. Ik klonk weer zo ontzettend aanstellerig millennialachtig. Maar Monique vond het wel grappig. Ze lachte haar tanden bloot en in een parallel universum sloeg ze me daarna ook nog speels tegen de schouder.

‘Mijne is de bamihap,’ zei ze. ‘Met een heel klein beetje chilisaus.’

‘Bamihap met chilisaus,’ zei ik haar na.

We nipten in stilte van de beker bier die we deelden. Toen bracht ze haar hoofd dicht bij dat van mij. Haar haar jeukte in mijn nek. Ze fluisterde: ‘Ik heb gehoord dat Monique Westenberg op dit feest is, maar ik heb geen zin om haar tegen het zielige, zonnebankbruine lijf te lopen. Ik wil weg hier.’

We keken elkaar aan.

‘Waar wil je heen dan?’ vroeg ik verbaasd.

‘Gewoon weg hier,’ fluisterde ze in mijn oor. En toen, nog zachter, en met een samenzweerderige smize in haar ogen, een smize die je normaal alleen in de ogen van iemand met donkere irissen ziet: ‘Wherever you take me honey. Wherever you take me.’

 

[WORDT VERVOLGD…]

« terug naar blog

Reageer

Wat lees ik?

Clarice Lispector, Maarten van der Graaff, Ali Smith, Olga Tokarczuk

Wat luister ik?

Julia Jacklin, MUNA, Big Thief, Rina Sawayama

Wat kijk ik?

Midsommar, My Favorite Shapes by Julio Torres, videoclips

Quote

'I want to swim to the bottom of myself and find the weirdest most special and pure shit that I can offer' - Aaron Maine