Nieuwste onderwerp

Venetië (1)

Bram is voor de derde keer in Venetië, maar deze keer is hij alleen. Twintig jaar geleden kwam hij hier voor het eerst. Toen was hij tweedejaarsstudent geschiedenis en struinden hij en zijn klasgenoten onder begeleiding van een professor langs tientallen kerken en musea. In de avonden gingen ze met de hele groep naar Piazza San Marco en deelden flessen rode wijn, de stenen waar ze op zaten nog warm van de zon die de hele dag had geschenen. Dat was de eerste keer dat hij buiten de colleges contact durfde te zoeken met Marianne. Al maanden was hij in stilte verliefd op haar geweest, maar aangemoedigd door de alcohol en de zeelucht die overal in de stad hing, begon hij een praatje met haar. Een paar dagen later liepen ze door de Ponte dei Sospiri en pakte hij haar hand. Ze daalden af naar de ondergrondse gevangenissen en daar zoenden ze elkaar in het donker, terwijl het gelach van hun studiegenoten echode door de lage gangen.

Hoe had hij toen kunnen weten dat ze elkaar ooit zo zouden verachten?

Vijftien jaar later gingen ze weer naar Venetië, in een halfslachtige poging hun huwelijk nog te redden. Op dat punt had zij al minimaal twee affaires gehad en bleef Bram volhardend doen alsof hij hier niks van af wist. Onderweg naar het Guggenheim raakten ze verdwaald in een doolhof van smalle steegjes en kregen knallende ruzie op straat tot een oude Italiaanse vrouw ze vanuit haar raam toeriep dat ze hun koppen moesten houden. Gedurende het hele museumbezoek zeiden ze niks meer tegen elkaar. Het was de eerste keer dat het woord ‘scheiding’ gevallen was in één van hun ruzies.

Nu is het half april en kijkt Bram in zijn eentje naar de façades aan de Canal Grande. Hij leunt met zijn bovenarmen op de rand van de waterbus. Vlak achter hem staat een Duitse toerist met een zakdoek het zweet van zijn kale hoofd te deppen. Hoewel hij er al lang niet is geweest, voelt het binnenvaren van de stad net alsof hij na een lange vakantie zijn eigen straat weer in rijdt. Alles lijkt veranderd, en toch is het alsof hij er gister nog was.

 

 

Vittorio is tweeëntwintig en is nog nooit Venetië uit geweest. Hij woont met zijn moeder in een appartement in Mestre en pakt elke dag de bus naar het centrum. Daar trekt hij een gestreept t-shirt aan, zet een rieten hoed op en wacht naast zijn gondel op toeristen die tachtig euro betalen voor een ritje van drie kwartier. De kanalen van de stad kent hij beter dan de lijnen in zijn handpalm. Hij kan een heel klein beetje babbelen in heel veel talen, maar krijgt er niet vaak de kans voor. De meeste klanten doen het liefst alsof hij er niet is. Ze zien de stad voorbij dobberen vanaf het schermpje op hun telefoon, onophoudelijk foto’s schietend van alles, vaak ook van zichzelf.

Maar soms heeft hij geluk. Dan treft hij een groep jongeren die goed Engels kan en vraagt hij ze alles over hun thuisland. Hoe het weer er is, hoe de mensen zich kleden, hoe de straten eruit zien, hoe het ruikt nadat het heeft geregend. Al die details bergt hij veilig op in zijn geheugen en als hij voor de zoveelste keer in een week onder de Ponte Rialto doorvaart, ziet hij voor zich hoe hij over de Grote Muur wandelt, vroeg op de ochtend als er nog mist hangt, of ’s avonds laat op Times Square staat en verblindt wordt door neon aan alle kanten.

Maar uiteindelijk komt hij thuis en zit zijn moeder slapend voor de tv. Op tafel staat een bord voor hem klaar, op het fornuis de pan pastasaus die ze die avond heeft klaargemaakt. Als hij de deksel van de pan haalt, ruikt hij knoflook en ui en gehakt, de onveranderlijke geur van thuis.

« terug naar blog

Reageer

Wat lees ik?

(Momenteel) De meester en Margarita - Boelgakov

Wat luister ik?

Van alles, maar vooral The Beatles

Wat kijk ik?

The Godfather & Midnight in Paris

Quote

"A word after a word after a word is power" - Margaret Atwood