Nieuwste onderwerp

Schijnsel (3)

De loper op de trap dempt jullie voetstappen en gegrinnik. De jongen lijkt nu iets meer ontspannen dan hiervoor. Zijn vingers zitten niet meer om je pols en je voelt de kou omhoog kruipen over je arm. Hij gaat voorop, dus zijn kont is voor jou binnen handbereik. Je legt je hand erop en begint een flirterige opmerking, maar voor je bent uitgesproken word je onderbroken door gesis. Ondanks het donker zie je dat hij boos omkijkt en zijn vinger op zijn lippen legt. Voor wie jullie stil moeten doen, weet je niet, maar je luistert en houd je gegiechel binnen.

De gang op de eerste verdieping is de eerste verlichte ruimte in het huis. De loper van de trap sluit aan op die op de vloer. Hij laat je los aan het begin van de gang en loopt zonder om te kijken door. Aan de linkerkant zitten op gelijke afstand van elkaar vier identieke deuren. De rechtermuur telt evenveel ramen waarvan de gordijnen allemaal gesloten zijn. Hij verdwijnt in de tweede deur. Je snelt achter hem aan de kamer in.

Ook hier staat het licht aan. Dit kan niet zijn kamer zijn. Het is er zo opgeruimd dat het onpersoonlijk is, als een hotelkamer die net klaargemaakt is voor een nieuwe gast. Het bed is onberispelijk opgemaakt en op een paar donkere plekken in het tapijt na zijn er geen sporen van vorig verblijf. Je bent de jongen even kwijt. Zodra je hem in je ooghoek ontwaart, doet hij de lamp gauw uit. Alleen het raam is zichtbaar, maar het laat amper licht binnen in de ruimte.

Al snel voel je zijn lange armen om je heen. Je gaat op je tenen staan, maar je lippen raken alleen maar leegte. Jij pakt hem nu bij de pols en loopt in de richting van waar je het bed zag staan. Je hebt zijn gezicht nog steeds niet gezien, maar je vertrouwt erop dat je hem aantrekkelijk vindt. Je voelt het bed, laat zijn pols los en kruipt op het matras.

De jongen komt niet direct erbij en je weet dat hij weer weg is. Je staat op en volgt de muur op de tast, hopend dat je tegen hem aanstoot net als bij het luciferdoosje, maar gaat alle muren langs zonder iets tegen te komen. Ook de deur is verdwenen.

Een blikkerig geluid van buiten wordt steeds luider. Je loopt naar het raam en ziet de jongen met zijn rug naar het huis staan. Hij steekt met een lucifer een sigaret aan terwijl hij tegen de lantaarnpaal leunt. Je fiets is nergens te bekennen.

Het licht in de kamer flitst aan, maar je blijft bij het raam staan. Een meisje fietst met luid gerammel je blikveld in. Ze lijkt de jongen niet te zien. Je wilt op het raam kloppen, maar kunt alleen maar toekijken. Bij de lantaarnpaal geeft hij haar een klap op haar voorhoofd. Ze valt op de grond en blijft liggen als een pop aan het einde van het speelkwartier. Hij hurkt naast haar en drukt zijn sigaret uit op haar pols. Je kijkt naar je eigen polsen en ziet op links een brandplek die je je niet kunt herinneren.

De jongen draait zich om. Hij staat vol in het licht van de lantaarn. Het is niet te zeggen naar welk raam hij opkijkt. Op de plek waar zijn gezicht zou moeten zitten, is alleen een diepe kleur zwart.

« terug naar blog

Reageer

Wat lees ik?

J.D. Salinger, Richard Siken, Maartje Smits, Virginia Woolf

Wat luister ik?

Janelle Monáe, Lorde, Oh Wonder, Stromae, Years & Years

Quote

'I dream in my dream all the dreams of the other dreamers, And I become the other dreamers." - Walt Whitman