Nieuwste onderwerp

Stokje

Kijk maar goed. Aanschouw mijn tweeëndertig centimeter zwartgelakt hout en ivoren uiteinden. Neem je tijd. Ik loop niet weg. Onder deze glazen stolp kan ik geen kant meer op. Ze zijn me dik zestig jaar kwijt geweest, dus ze verliezen me niet meer uit het oog. Ik weiger ze te vertellen waar ik in de tussentijd geweest ben. Maar hé, als jij nog even blijft, wil ik het je best toevertrouwen.

Dag in dag uit was ik heen en weer gezwaaid. Dat was op zichzelf natuurlijk geen probleem; dat is immers waarvoor ik gemaakt ben. Maar niet onder deze omstandigheden: als er nieuwe treinen arriveerden, als de gevangenen terugkwamen van hun dwangarbeid en als hoge gasten het kamp bezochten. Voor de een betekende de muziek een kleine ontsnapping aan de gruwelen, anderen zagen het als een nieuwe vernedering.

De dirigent aan wie ik toebehoorde, verloor ik vrijwel direct na de bevrijding uit het oog. Daarna zwierf ik van hand naar hand en voerde ik diverse orkesten aan, maar een onbezorgd bestaan kun je het niet noemen. Die 1,1 miljoen doden draag je altijd met je mee. Ik tril nog altijd bij Beethoven en Strauss.

Mijn naamplaatje heeft me verraden. Ik draag nog altijd de naam van mijn oorspronkelijke eigenaar. Ik heb overwogen er iets aan te laten doen, maar had er nooit het geld voor. Bovendien wil ik niet van mijn problemen weglopen, maar er het beste van maken, zoals mijn dirigent ook altijd deed. Ik vind het een fijn idee dat ik zijn eer op deze wijze nog enigszins kan hooghouden.

Hij was geen slecht man, hoewel de publieke meningsvorming anders suggereert. Goed, hij mag dan wat hardvochtig zijn geweest, maar hij deed alles om zijn orkestleden te redden. Door deelname ontsnapten ze aan het zwaarste werk en werden ze beter gekleed en gevoed. We begonnen met zes musici, maar zou uiteindelijk de groep uitgroeien tot zo’n honderd mensen.

Dat hij geen heilige was, daar ben ik me terdege van bewust. Toch had hij zijn straf, in gevangenisjaren en collectieve haat, niet verdiend.

Zijn beruchtheid is uiteindelijk ook mijn val geworden. Wie had gedacht dat ik ooit nog iemand zou begeleiden die destijds met mij in opperste concentratie de dodenmars had gespeeld? Ik was er bijna; nog een of twee decennia later waren alle overlevenden alsnog overleden. Maar nu was deze man er nog. Toen mijn laatste dirigent, een guppie vers van het conservatorium, mij tijdens zijn rookpauze op zijn bladmuziek achterliet, was de oude baas naar mij toe geschuifeld. Hij wentelde mij meermaals om mijn as en bekeek me van alle kanten, tot hij het naamplaatje zag. De gil die hij slaakte, riep een onderdrukte herinnering op en nam mij tientallen jaren mee terug, toen ik zijn kreten van pijn voor het eerst had gehoord. Met die krijs wist ik dat het gedaan was met mijn vrijheid in anonimiteit.

En zo kwam ik hier. Ik had gehoopt het niet meer te hoeven herleven, maar gevangen in dit museum blijft mijn trauma voor altijd bewaard.

« terug naar blog

Reageer

Wat lees ik?

J.D. Salinger, Richard Siken, Maartje Smits, Virginia Woolf

Wat luister ik?

Janelle Monáe, Lorde, Oh Wonder, Stromae, Years & Years

Quote

'I dream in my dream all the dreams of the other dreamers, And I become the other dreamers." - Walt Whitman