Nieuwste onderwerp

Fase (1)

‘Ik wou dat ik hoger kon springen. Zo hoog dat ik m’n hoofd zou stoten tegen het plafond.’

‘Je weet dat we buiten zijn, toch?’

‘Ik bedoel het plafond van de wereld, sukkel,’ zegt Pip. Ik hoor haar zuchten, maar het kan ook hijgen zijn.

‘Het plafond van de wereld?’ vraag ik.

Drie sprongen later heeft ze nog niet geantwoord.

‘Hoe bedoel je, het plafond van de wereld?’

Pip ploft ineens met haar kont op de trampoline. Zodra ik dit doorheb, laat ik me ook vallen. We hoppen nog even op en neer. Als we stilzitten, gaan we op onze ruggen liggen.

‘Zo lagen we vanmiddag ook, toch?’

Ik brom iets instemmends.

‘Oké, doe je ogen dicht. Nee, wacht, dat is onzin. Het is al donker, daar hoef je je ogen niet voor te sluiten.’

‘Het is niet donker genoeg. Er komt nog teveel licht uit je huis.’

‘Tja, mijn ouders zijn thuis en daar doe je niet zoveel aan, hè? Goed, doe je ogen dicht en probeer voor je te zien wat je vanmiddag zag.’

Pip stopt met praten. Ik hoor de wind schuren tussen de vrijstaande huizen. Ik weet niet hoe, maar het klinkt duurder dan tussen blokken rijtjeshuizen.

‘Lukt het?’ fluistert ze.

‘Ja. Ik heb het vanmiddag nog gezien, dat scheelt.’

‘Top. Kijk nu eens goed. Ziet het er niet uit alsof…’

Pip stopt met praten. Ik ben alweer aan het springen. Ze zucht opnieuw.

‘Jij kunt ook geen vijf seconden meewerken, hè?’

‘Ik ben niet bang dat ik mijn hoofd stoot. Ik voel me alleen maar langer.’

‘Ik zeg ook niet dat ik er bang voor ben. Ik wil het juist.’

‘Waarom wil je je hoofd stoten?’

‘Waarom niet?’

‘Waarom niet meteen doodgaan, als je toch bezig bent.’

Pip reageert niet. Ik probeer haar aan te kijken, maar dat is lastig als jij aan het dalen bent als de ander net omhoog schiet.

‘Heb jij ooit goed je hoofd gestoten?’ vraagt ze.

‘Nee.’

‘Is dat waarom je langer wil zijn?’

‘Ik zei niet dat ik langer wil zijn. Ik zei alleen maar dat ik me langer voelde. Ik neem veel meer verticale ruimte in, snap je. Deze kolom lucht is gereserveerd voor mij. Ik ben niet overal in die kolom, maar toch is het bezet. En dat voelt goed.’

‘Maar je wil wel langer zijn.’

‘Ja.’

‘Dacht ik al. Maar er is nog hoop, op je veertiende kun je nog doorgroeien.’

Ik sta inmiddels stil op de trampoline. Ik word pas over twee maanden veertien, maar dat zeg ik niet. Pip springt rondjes om me heen.

Opeens staat ze naast me.

‘Weet je wel dat moment dat je even denkt dat een potlood buigbaar is als je het net goed heen en weer beweegt?’

‘Sorry, wat?’ Ik grinnik.

Pip springt van de trampoline af en gaat het huis binnen. Even later is ze terug met een potlood. Ze houdt het aan het uiteinde met het gummetje losjes geklemd tussen duim en wijsvinger en beweegt haar hand snel heen en weer, alsof ze rilt van de kou. Het potlood lijkt inderdaad te zwabberen.

‘Kijk,’ zegt ze, ‘zo voel ik me nu.’

‘Oei.’

‘Dat kun je wel zeggen, ja.’

« terug naar blog

Reageer

Wat lees ik?

J.D. Salinger, Richard Siken, Maartje Smits, Virginia Woolf

Wat luister ik?

Janelle Monáe, Lorde, Oh Wonder, Stromae, Years & Years

Quote

'I dream in my dream all the dreams of the other dreamers, And I become the other dreamers." - Walt Whitman