Nieuwste onderwerp

Rattenvlieger (2/3)

*

Bij het restaurant van Ati kun je niet reserveren. De openingstijden zijn variabel, omdat hij soms geen zin heeft om te werken. Voor hen die voor een dichte deur komen te staan, heeft hij in het portiek een tafelmodel vriezer gezet waar ze hun duif, voorzien van naam en telefoonnummer, mogen achterlaten. Afhankelijk van het tijdstip kunnen ze soms later op de dag en anders later die week komen eten. Overigens komt dit nauwelijks voor want Ati vindt zijn werk leuk. En als hij geen zin heeft, heeft hij zeer snel daarna weer zin om te werken. Het enige probleem waar gasten daadwerkelijk mee te maken krijgen, is het niet kunnen bemachtigen van een tafel. Of een opklapkrukje. Of een deel van de bank. Of een stuk vloer. Ati’s huis bestaat uit twee kamers en een balkon ter grootte van anderhalve douchecabine. Het restaurant betrekt de twee kamers en het balkon. Het appartement heeft overigens geen douchecabine maar een open douche. Sasa van de overkant laat wekelijks duivenpaté maken en komt met haar dochter en stiefzoontje douchen. Ze mag van Ati gebruik maken van zijn douche. Haar water is afgesloten. Ze heeft hem een douchegordijn met De Geboorte van Venus gegeven.

Duivenpaté is iets waarvoor je los van een tafelplaats terecht kan in het restaurant. Evenals van de botjes en het karkas getrokken bouillon. Het biedt een alternatief voor mensen die op een vol restaurant stuiten. Daarnaast sluit het aan op de vraag van mensen die niet willen komen eten, maar wel willen eten van hun stadsduif. De vraag van mensen die op zich wel willen komen eten, maar een voorkeur hebben voor conserven, wordt ook ingewilligd. Een vaste klant, waarvan Ati niet weet of hij kan praten, lepelt als er plek is in het restaurant zijn bestelde paté meteen uit het bakje.

Alleen ééndagstoeristen treffen het niet als Ati hen geen restaurantplek kan bieden. Het houdbare eten dat hij van de duiven fabriceert, maakt Ati buiten openingstijden. De uit botten getrokken bouillon moet op z’n minst achtenveertig uur staan. Meestal laten deze toeristen de stadsduif bij hem achter als extraatje voor de kok of voor een grote eter in het restaurant. Slechts enkelen vertrekken gepikeerd met hun duif weer de straten van Boedapest in. Voor die duiven doet Ati een schietgebedje; dat ze nog voor enig nuttig doel gebruikt mogen worden.  

De enige die niet stuit op plaatsgebrek is Gellert. Naast dat hij vaak komt eten op momenten dat mensen niet eten, zorgt Ati er voor dat Gellert altijd een fatsoenlijke zitplaats heeft. Hoe Gellert wekelijks aan vier tot zes stadsduiven komt, blijft voor omwonenden een onbeantwoord vraagstuk. Er was eens een goedgebekte yup die Gellert vroeg of hij de duiven niet door een ander liet afmaken. Als reactie trok Gellert alleen zijn mondhoeken een fractie van een seconde omhoog. Later kwam het gerucht dat Gellert de yup in een rustig straatje in zijn scootmobiel klem reed en een zakpistool[1] onder de kin duwde. Als iemand hem erna vraagt, trekt hij alleen zijn mondhoeken een fractie van een seconde omhoog.  

Gellert heeft hij zijn mond in diezelfde hoedanigheid wanneer hij in port gebraden duif eet. De tijdsduur van het omhoog trekken van zijn mondhoeken is alleen niet gelijk. Tijdens het eten is er geen sprake van een fractie van een seconde. Gellert is iemand die kan eten met constant omhooggetrokken mondhoeken. In eerste instantie vond Ati dat mooi om te zien, omdat een kok graag mensen hun gerecht glimlachend ziet eten. In tweede instantie vond hij het storend, omdat wanneer iemand altijd glimlachend eet, je niet weet of dat nog samenhangt met het desbetreffende gerecht. In de tweede instantie-fase overwoog Ati Gellerts vaste zitplek te verplaatsen. De zware Ikea fauteuil is direct gepositioneerd naast het keukenblok waardoor Gellert zich altijd in zijn gezichtsveld bevindt. Interieurtechnisch is het alleen de enige plek waar de logge stoel geen sta-in-de-weg is. Het zou in verhouding veel zitplaatsen kosten als Ati het ergens anders in het appartement zou zetten.

Zijn bed klapt hij weg tegen de muur. Op de bank kunnen drie volwassenen met een gemiddeld postuur zitten; vier als ze slank gebouwd zijn en twee als ze bovengemiddeld breed zijn of uitermate asociaal. Kleine kinderen kunnen op de leuningen zitten. De andere zitplaatsen zijn vrij in te vullen. Van een visvereniging nam Ati afgeschreven opklapkrukjes[2]. Gasten kunnen zich gedurende hun maaltijd hiermee settelen. De visvereniging achtte dat een kwart van de gehele inboedel werd overgenomen. Aan de muren hangen overzichtsposters van vishaken en dobbers. Op het toilet liggen vijf exemplaren van het zakwoordenboek voor vissers en kun je je inlezen over voorkomende vissoorten in de Donau. Het betreurt Ati dat de stad niet kampt met een vissenplaag. Hij zou graag een mooi visgerecht bereiden. Nu verwerkt hij sporadisch bliksardines in zijn ceasarsalade met duif. Hij heeft eens overwogen om tegen gasten te zeggen dat hij ook zelf gevangen vis klaarmaakt, maar hij is bang dat dit kwaad bloed zal zetten bij de sportvissers. Visvergunningen zijn prijzig. Het aanzetten tot ongeregistreerde visvangst wordt hoogstwaarschijnlijk niet gewaardeerd.

*

‘Ati Kalman Chef Rattenvlieger!’ Gellert noemt Ati graag bij alle namen die van hem in de stad de rondte doen.
Ati duwt de ijskrabber die dienst doet als deurstop onder zijn appartementsdeur en dendert de trap af.
‘Twee prachtexemplaartjes; voortreffelijk voorgevel,’ zegt Gellert zonder op te kijken van de twee duiven die in zijn schoot liggen. Met wijs- en middelvinger streelt hij de vogels over hun borst. Ati wurmt zich langs de scootmobiel. Gellert parkeert zijn scootmobiel altijd dusdanig dat het lijkt te fungeren als een deurblokkade. Menig Boedapestenaar geeft De Opstand van 56 hiervoor als verklaring, maar niemand zegt dit waar Gellert bij is. Als er gesproken wordt over De Opstand zegt Gellert niks en trekt ook zijn mondhoeken niet een fractie van een seconde omhoog.
‘Ik heb blikjes mini mais, wellicht kun je daar iets mee.’
Ati krijgt een plastic tas met de maisblikjes in zijn handen gedrukt. Gellert gebaart ongeduldig dat hij het moet openhouden. Met hun koppen richting de bodem wurmt Gellert de twee duiven in de tas en neemt de tas weer over. Drie van de vier poten blijven uit de tas steken. Met zijn gerimpelde vingers omklemt Gellert zijn toekomstige maaltijd. Ati ziet hoe Gellerts knokkels wit kleuren. Het verbaast hem hoeveel kracht de oude handen nog bezitten. Eén duimgewricht is chronisch vastgegroeid, maar daar hoor je Gellert nooit over. Over zijn huid praat Gellert vaak. Die is gortdroog. Zijn huisarts geeft hem alleen maar troep om er op te smeren.
‘Debielen zijn het, Ati Kalman Chef Rattenvlieger, debielen!’

‘Ik sta hier neutraal in, Gellert.’ Ati stelt zich betreft huisartsen altijd neutraal op. Hij gaat niet naar huisartsen. Eén keer moest hij naar de schoolarts maar die wilde het hele consult lang praten over waarom hij het leuk vond regenwormen in stukjes te knippen. Niemand anders uit het medisch vakgebied zag hij daarna. Zijn broer en hij maakten op zijn achtste verjaardag in een zelfgebouwde iglo de belofte nooit ziek te worden. In principe wilden ze de belofte beklinken als bloedbroeders, maar het was zo koud dat ze hun handschoenen niet uit durfden te doen. Het maakte de belofte voor hen niet minder officieel. Ati’s broer stierf twee jaar later aan een streptokokkeninfectie die hij ontkende te hebben.


[1] Colt 1849 Pocket; ook wel bekend onder de naam ‘Wells Fargo’

[2] De krukjes werden niet afgeschreven om een slechte staat waarin ze verkeerden. De visvereniging kreeg een nieuw bestuur en vonden de paarse clubkleur destijds niet wenselijk. De visvereniging kreeg een nieuw logo en de clubkleur werd algengroen. De opklapkrukjes zijn paarsgekleurd en zodoende werden ze bestempeld als afgeschreven.

« terug naar blog

Reageer

Mijn ABC

67, Asperges, Audiotranscriptie, Badparels, Bedankt, Bezuinigingen, Biljartworm, Boontje, Borrelhapje, Bovenlijn, Bretels, Broertje, Brouwerij, Cederhout, Colloquium (1), Colloquium (10), Colloquium (11), Colloquium (12), Colloquium (2), Colloquium (3), Colloquium (4), Colloquium (5), Colloquium (6), Colloquium (7), Colloquium (8), Colloquium (9), Converseren (1), Converseren (2), Dilemma, Dromenvanger, Excuus, Gember, Getuige, Glijbaanvoorglijder, Gordijnstof (1/5), Gordijnstof (2/5), Gordijnstof (3/5), Gordijnstof (4/5), Gordijnstof (5/5), Groei, Handlezing, Herinneringsdictator, Hond, Huig, Huismus, Jachtgebied (1), Jachtgebied (2), Jachtgebied (3), Jachtgebied (4), Jachtgebied (5), Kieuwen, Krantendakje, Leesbevestiging, Lifter, Minkukel, Moeder (1/3), Moeder (2/3), Moeder (3/3), Motel (1/2), Motel (2/2), Nieuwjaar, Ooggetuigenverslag, Pacman, Pisa, Plantenkoningin (1/3), Plantenkoningin (2/3), Plantenkoningin (3/3), Proefpersoon, Rattenvlieger (1/3), Rattenvlieger (3/3), Rechtszaak, Rotzooi, Rozijn, Ruimtereis, Steenvrucht (1/2), Steenvrucht (2/2), Straatjutter ( 1 (5/6) ), Straatjutter ( 1 (6/6)), Straatjutter (1 (1/6) ), Straatjutter (1 (2/6) ), Straatjutter (1 (3/6) ), Straatjutter (1 (4/6) ), Straatjutter (2), Straatjutter (3), Straatjutter (3) update 1, Straatjutter (3) update 2, Straatjutter (3) update 3, Suikerspin, Tasman, Tranentrekker, Triangel, Vis, Voorhoofdcirkels, Voorportaal, Voorzetseltheorie, Vrolijk, Walvisparochie (1), Walvisparochie (2), Walvisparochie (3), Walvisparochie (4), Walvisparochie (5), Walvisparochie (6), Wasbeer, Wintertenen, Woekering, Woestijnkoorts, Zaterdag, Zeemacht, Zegeningen, Zoon,

Wat lees ik?

de krant, Elvis Peeters, Niccolò Ammaniti, Arnon Grunberg en medische boeken

Wat luister ik?

Damien Rice, Angus and Julia Stone, Jake Bugg, Mogwai en Bach (bij voorkeur de cello suites)

Wat kijk ik?

NPO documentaires, arthouse films

Quote

It's raining cats and dogs and I have a rabbit.