Nieuwste onderwerp

Milos

Eerste: Link
Vorige: Link

 

We zijn in Servië. Het is hier stom.
Op weg hiernaartoe werden we aangehouden. Politie leek te wachten op toeristen. Ze zeiden dat we 80 mochten rijden en wij 85 gingen. Ze dreigden Jurriaans rijbewijs voor drie maanden in te nemen. Of we konden direct een boete betalen, contant.
De boete is ongeveer, even kijken naar hoe rijk wij er uit zien, nou ja, doe maar 50 euro.

Het land zelf is mooi, maar vanaf de weg zien we honderden onafgemaakte huizen. Lege karkassen zonder dak en deuren. De wegen zijn erg slecht. Jurriaan maakt wilde maneuvers om diepe kuilen te ontwijken. We praten weinig en concentreren ons op de weg en snelheidsmeter. Ik kijk naar alle struiken en bosjes, bang dat er politie achter vandaan zal springen.

In Sarajevo woont Milos, een jongen die in de klas zat met een van Jurriaans broertjes en op zijn 12de met zijn vader naar hierheen verhuisde. Hij heeft belooft ons rond de stad te leiden.
‘Geloof mij maar, ik ken de hele stad,’ zegt Milos als hij ons tegenkomt. Zijn Nederlands is ietwat krakkemikkig, maar goed voor iemand die de afgelopen 5 jaar geen Nederlands heeft gesproken.
We lopen braaf achter hem aan, over pleinen en langs kerken waar Milos dingen over vertelt.
Ik vraag naar een bepaald gebouw dat ik mooi vind.
‘Geloof mij maar, dat is niks.’

We moeten nogal veel geloven. Dat Servië het beste voetbalteam op aarde heeft, dat er in Sarajevo geen homo’s zijn, dat Milos altijd wel twee of drie vriendinnetjes heeft, dat de oorlog was gewonnen door Servië, dat Milos’ vader rijk is en in een hele bijzondere auto rijdt.

Aan het eind van de dag ben ik doodop. Van het lopen, van de plotselinge moeite die het kost om met iemand te praten die niet Jurriaan is. We gaan ergens op een terrasje zitten. Ik plof neer. Milos besteld bier en snauwt een beetje naar onze serveerster. ‘Geloof mij maar,’ zegt hij. ‘Je moet hier respect afdwingen anders denken ze dat je een watje bent.’
Ik laat het gaan en probeer te glimlachen naar de serveerster als ze ons drinken komt brengen, maar ben bang dat ze denkt dat ik een watje ben omdat ik geen alcohol drink.

Die avond download Jurriaan Tinder en een uurtje later ik ook. We zitten op de bank te niksen. Zonder dat ik het merkte heeft Milos een bepaalde eenzaamheid bij me losgemaakt. Ons gewezen op ons relatieloze bestaan.
Of nou ja, zo voelt het voor mij. Jurriaan zegt gewoon dat hij die Servische vrouwen zo aantrekkelijk vind dat hij wel eens wil kijken hoe het er op Tinder aan toe gaat.

Dus we swipen voor een half uurtje. We zijn stil en nemen even wat tijd voor onszelf. Na een tijdje ga ik zitten schrijven. Plotseling begint Jurriaan te juichen. ‘Wessel, ik heb morgen een date.’

 

Het vervolg: Grens

« terug naar blog

Reageer

Wat lees ik?

Ender's Game, Game of Thrones, The Magicians

Wat vind ik?

De zin 'Ik heb geen tijd' is onzin

Wat luister ik?

Reply All, Here Be Monsters, The Memory Palace

Wat schreef ik?

'Het geheugen van een olifant', prentenboek met Jan Jutte, uitgeverij Lemniscaat (2018)

Quote

Far and away the best price life has to offer is work hard at work worth doing - Theodore Roosevelt.