Nieuwste onderwerp

Vingerhoedjes

De geur van iemands Julia’s pasta dringt onwelkom mijn neus binnen. Schuin tegenover me in de trein pulkt iemand schaamteloos in zijn neus, of misschien probeert hij te maskeren dat hij de Julia’s pasta geur blokkeert en peutert hij dus in zijn neus uit beleefdheid.

Mijn goeie voornemen voor dit jaar is om niet meer met mijn neus dicht te niezen. Daar krijg je hersenbloedingen van, of een gescheurde long of andere erge dingen. Tot nu toe is het me nog niet gelukt. Het is een grappig gevoel om met je neus dicht te niezen, alsof je iemand te slim af bent. Hoewel het me ook bevredigend lijkt om gewoon hardop te kunnen niezen en heel hard hatsjoehoe te roepen (zoals mijn vader) of hatsjaaa (zoals mijn opa). De nies van mijn moeder zit tussen die van hen en mij in, klinkt meer als een kat: ch, of chie.

Laatst zag ik een dichteres op een podium die iemand een prijs moest overhandigen. Nadat ze dat gedaan had moesten er foto’s van de winnaar en de verliezers gemaakt worden. Toen stond ook zij er een beetje verloren bij, en begon ze om zich een houding te geven in haar neus te pulken. ‘Niet doen!’ wilde ik roepen. ‘Bewaar het voor straks!’ Maar het was alsof ze plots gefixeerd was door een missie: dat dingetje in haar neus. Haar vinger bleef in de holte verdwijnen als een vingerhoedje.

Een vrouw naast me in de trein niest. Het was een nuchtere, Hollandse nies, neus open, geen overdreven muzikale begeleiding. De verantwoordelijke lijkt tevreden en tikt een berichtje op haar telefoon. De drie mensen in mijn zithoek zijn in slaap gevallen. Als het station nadert weet ik niet of ik iemand moet aanstoten. Je hebt wel eens dat mensen boos worden als je ze wakker maakt bij een station. Waarschijnlijk zijn diezelfde mensen ook boos als niemand ze wakker heeft gemaakt en ze ineens in Geldermalsen blijken te zitten.

De jongeman tegenover me leunt met gesloten ogen achterover tegen de hoofdsteun. Zijn armen liggen over elkaar gevouwen voor zijn ribbenkast. Hij schudt zijn hoofd, de spiertjes onder zijn onderlip trekken even samen. Droomt hij? Is hij een discussie van kantoor aan het uitvechten? Of maakt hij een kusmondje, denkt hij aan hoe de hond van zijn ouders straks tegen hem op zal springen en kwispelen?

Sommige mensen zijn mooie slapers. Ze zijn nog eleganter dan wanneer ze wakker zijn, omdat ze niet weten dat ze bekeken worden. Dat geeft ze een pure uitstraling. Sommige mensen slapen uitgeblust. Ook met hun ogen dicht zegt hun gezicht: ‘Ik heb er een 50-urige werkweek op zitten, m’n hond is ongesteld, de kinderen willen op drummen en judo, waag het niet om mij wakker te maken.’ Of: ‘Waag het niet om mij in godvergeten Geldermalsen te laten belanden.’ Je weet het niet.

« terug naar blog

Reageer

Wat lees ik?

J.D. Salinger, Zadie Smith, Maartje Wortel, Kristien Hemmerechts, Miranda July

Wat vind ik?

Soms muntjes, soms gedumpte meubelstukken, een enkele keer een mens

Wat luister ik?

Angel Olsen, Laura Marling, Nina Simone, Joni Mitchell, Tame Impala, Arctic Monkeys

Quote

"there's definitely, definitely, definitely no logic" - Björk