Nieuwste onderwerp

iPhone (2)

De Memorial Garden voelde voor hem bijna vertrouwd aan, overal stonden er monumenten voor de stichters van de natie. Het monument dat hem het meest trok was een witte tempel die tegenover de indrukwekkende spiegelvijver lag.

Terwijl hij de trap naar de tempel beklom deed het hem denken aan het Mansudae monument voor de geliefde leiders, waar de glorieuze eeuwige president, zwaaiend naar de vooruitgang, vereeuwigd staat in brons, met de geliefde maarschalk trouw naast hem. Maar het beeld in deze tempel was van log marmer, niet van glanzend brons. De man zat op een marmeren troon en uit zijn blik sprak geen drang naar vooruitgang of hoop, eerder alsof hij streng neerkeek op het volk.

‘Hallo daar, reiziger.’ Een vreemde zware stem begroette hem op deze merkwaardige wijze. Yang draaide zich koeltjes om, voorbereid op een CIA of FBI agent, maar de begroeting kwam van een man met een hoge hoed op en een nepbaard onder zijn kin. ‘Ik ben eerlijke Abe,’ zo stelde de man zich voor. Deze man moest gestoord zijn, om zo gekleed bij een monument rond te lopen.

‘Wie?’

‘Eerlijke Abe.’ Hij wees naar het beeld.

‘Wie is dat?’

‘U komt niet uit de United States of wel?’

‘Nee.’

‘Ik ben Abraham Lincoln, een van de grootste presidenten van deze Verenigde Staten van Amerika.’ De man zei dit met de volste overtuiging. Is hij op een dag op zijn hoofd gevallen en gaan denken dat hij de man van het beeld was?

‘Hoe bedoelt u?’

‘Meneer, ik ben een imitator, Abraham Lincoln is een van de belangrijkste presidenten van dit land, ziet u. Waar komt u vandaan?’

Bizar, deze man deed alsof hij een overleden staatshoofd was. Waren er in Rusland mensen die Lenin nadeden als beroep? Caesar in Italië? Napoleon in Frankrijk? Hij kon zich niet voorstellen dat bij het Mangyongdae geboortehuis van de eeuwige president een imitator zou staan.

‘Ik kom uit Korea.’

‘Dan hebt u toch wel eens van mij gehoord?’

‘Nee, niet echt. Waarom staat u hier eigenlijk?’

‘Om bezoekers te vertellen over het leven van een van de grootste presidenten van de V.S.. Wist u dat Abraham Lincoln de langste president van deze natie was?’

Wat verschrikkelijk, fastfood en frisdrank moesten de geheugens van Amerikanen zo hebben aangetast dat alle kennis over hun leiders zo was weggezakt dat ze mannen met nep baarden nodig hadden om deze kennis op te frissen.

‘Nee dat wist ik niet, fascinerend zeg.’

‘Abraham Lincoln heeft gevochten voor de gelijkheid in de Verenigde Staten en…’

‘Is dit uw beroep?’ onderbrak Yang hem. ‘Hier de hele dag staan in zo’n warm pak en dan mensen dingen over deze president vertellen.’

Sir, het betaalt de rekeningen.’

‘En is dit nou wat je altijd al wilde worden?’ Yang was oprecht geïnteresseerd in deze man die blijkbaar hele dagen lang staand lezingen gaf bij een monument.

‘Nee sir, toen ik jong was wilde ik piloot worden.’

‘Waarom bent u dat niet geworden dan?’

‘Naar de universiteit gaan is erg duur, piloot worden bijna onbetaalbaar.’

‘Maar Amerika is toch het land van de mogelijkheden?’ Dat was wat Yang had begrepen.

‘Nou, om naar de universiteit te kunnen heb je geld nodig of je moet een hele grote schuld opbouwen. Maar in Korea zal dat ook wel zo zijn toch?’

Yang dacht na, hij kon zich niet herinneren dat hij ooit iets had moeten betalen voor welk onderwijsniveau dan ook. Het enige dat betaald moest worden om naar de juiste scholen te kunnen was trouw, je moest lid zijn van de partij en lid geweest zijn van de jeugdgroepering. Met ondertekende brieven van prominente figuren of andere getrouwen kwam je op een goede school zonder een cent te betalen. ‘Ik ben naar de universiteit gegaan, en zo duur was dat niet,’ zei hij.

‘Oh, nou de situatie is hier anders dus. Wat heeft u gestudeerd dan?’

‘Staatskunde,’ loog hij.

‘Ah, staatskunde… zeg wat brengt u eigenlijk naar deze Verenigde Staten van Amerika?’

‘Staatszaken.’

‘Fascinerend, wat voor een staatszaken?’

‘Dat is vertrouwelijk.’

‘Toe maar, bent u zo hooggeplaatst?’

‘Zoiets,’ antwoordde Yang. ‘Zijn mensen geïnteresseerd in wat u hier vertelt?’

‘Ouders die met hun kinderen komen blijven altijd even naar mij luisteren. Het is goed om met zoveel mensen te kunnen praten, om kennis te kunnen delen.’

‘Wordt u daar gelukkig van?’

‘Ja… het geeft me iets te doen.’

‘Als u de hele dag tegen mensen praat over iemand die al heel lang dood is, heeft u thuis dan ook iemand om dingen over uzelf mee te delen?’

‘Nee, momenteel niet… helaas.’ De imitator begon naar de punten van zijn schoenen te staren.

Yang zei niets.

‘Mijn vriendin heeft me het huis uit gezet.’ Hij nam de hoge hoed af, ging op de treden van de balustrade zitten en keek uit over de reflectievijver. ‘Ze vond dat ik mijn doelen niet genoeg najaagde.’

‘Welke doelen?’ Yang kwam naast hem zitten.

‘Piloot worden bijvoorbeeld.’

Yang moest denken aan de Juche-leer van de eeuwige president, de vader van de natie. ‘Weet je, in mijn land geloven we niet in het lot, wij geloven dat de mens de schepper van zijn eigen lot is. Als je iets echt wilt, dan moet je je er gewoon aan wagen.’

Het bleef even stil.

‘Dat is een mooi ideaal,’ zei de imitator uiteindelijk.

‘Wat is je naam?’

‘Jake.’

‘Jake,’ Yang legde een hand op zijn schouder, ‘het is tijd voor jou om je eigen lot te gaan scheppen.’

Weer bleef het even stil.

‘Wat is uw naam eigenlijk?’

‘Cheol-min.’

‘Wat?’

‘Dat is Koreaans. Het betekent in het Engels zoiets als wijze burger.’

‘Dan doet u uw naam eer aan.’

‘Dankjewel,’ Yang stond op, ‘veel succes met uw doelen.’ Daarmee verliet Yang de witte tempel waar de Amerikaanse toeristen Lincoln kwamen eren.

 

« terug naar blog

Reageer

Wat lees ik?

Maxim Gorki, Jack Kerouac, Joost de Vries, Marguerite Duras

Wat luister ik?

David Bowie.

Wat kijk ik?

House of Cards

Quote

“Sweatpants are a sign of defeat. You lost control of your life so you bought some sweatpants.” -Karl Lagerfeld