Nieuwste onderwerp

Diamantje

6.

Ze fietsen langs de kade. De weg bestaat uit kleine ronde keien met grote ruimtes ertussen. Eva wijst naar de gracht. ‘Hier moet Arzu’s fiets ergens liggen,’ roept ze over het gerammel van hun fietsen heen. Rob kijkt haar aan en grijnst.
Bij een groot huizenblok remt Eva af. Rob schiet nog een stukje door en springt dan ook met fiets en al de stoep op. Terwijl hij zijn fiets op slot zet belt Eva aan. Na een paar seconden gaat de deur open.
‘Hee Eef,’ Arzu draagt een zwarte legging en een grote grijze trui met capuchon. ‘Fijn dat je er be-’ Arzu zwijgt als Rob komt aangelopen. ‘Hoi,’ zegt hij.
Arzu doet haar mond langzaam dicht. ‘Hoi.’ Haar ogen gaan naar Eva. ‘Heb je mijn berichtje niet gelezen?’
Eva klopt op haar jaszakken en rommelt in haar tas. ‘Nee?’
‘Komen we ongelegen?’ Rob legt zijn hand op zijn achterhoofd.
‘Eh – nee, nee. Ik had alleen… Maar ik zal… Nee, kom binnen!’ Arzu zet een stap naar achteren. Ze lopen de trap op. Eva zoekt nog steeds in haar tas. ‘Wat had je gestuurd dan?’
‘Ach, ik was een beetje moe. Maar laat maar joh, het is goed. Ik zal even koffie maken, dan kan ik er wel tegenaan.’
‘Kut, ik ben mijn telefoon vergeten volgens mij,’ zegt Eva.
‘Sorry voor mijn uiterlijk,’ zegt Arzu. Ze doet de deur naar haar kamer open. ‘Neem plaats, ik kleed me even om.’ Rob en Eva gaan op de bank zitten. Arzu kruist haar armen en pakt de onderkant van haar trui vast. Ze rekt zich uit, de trui glijdt omhoog. Een roze bh wordt zichtbaar. Eva ziet een diamantje glinsteren tussen Arzu’s borsten. Naast haar schuift Rob wat heen en weer.
‘Zo.’ Arzu trekt een zwart T-shirt aan. ‘Jullie ook koffie? Rob?’
‘Lekker,’ zegt hij schor.

Naar het volgende deel
Naar het eerste deel

« terug naar blog

Reageer

Wat lees ik?

Autumn (Ali Smith), Jij zegt het (Connie Palmen), en zoals elke winter een poging tot Anna Karenina (Tolstoj)

Wat luister ik?

Eeuw van de Amateur, Echt gebeurd, Invisibilia

Wat schreef ik?

Nog een heleboel meer op harlynnbouma. wordpress.com

Quote

'Je bent lekkerder dan je kijkt.' - Winnie de Poeh