Nieuwste onderwerp

Gaykelder 5

En dat doen we. We dansen als discogoden.

Ik stop met te tellen hoeveel drankjes hij krijgt. Het is duidelijk dat Jim in de smaak valt; hij krijgt alleen maar wodka en whisky. Van een dragqueen die twee keer zo lang is als ik en inktzwarte lipstick op heeft. Van een jongen in een camouflagebroek. Van een meisje met krullend haar en zware smokey eyes, dat duidelijk niet doorheeft op welk feestje ze is beland, dat het na vijf minuten wel doorkrijgt, en dan afdruipt. Van een oudere man die tot aan zijn kruin toe in leer is ingepakt. Ze plukken aan zijn strikje, proberen zijn haar aan te raken, tikken tegen zijn oorbel. Jim knipoogt en draait en schudt met zijn smalle heupen, maar het is duidelijk dat hij voor niemand anders dan zichzelf danst.

Opeens staat de jongen van bij de ingang naast me te dansen. Hij wankelt een beetje op zijn hoge hakken. Dan slaat hij vertrouwelijk een arm om me heen en trekt me naar zich toe.
‘Fuck my life!’ schreeuwt hij in mijn oor.
‘Fuck mine!’ schreeuw ik.
‘Waarom?’ vraagt hij.
Even ben ik stil. Ik ben een beetje dronken. Ik zeg ook maar het eerste dat in me opkomt. ‘Omdat er maar dingen blijven misgaan? Vorige week-…’
‘…-Lieverd,’ zegt hij, en kijkt me recht in mijn ogen, ‘dan moet je ook niet de hele tijd van die spannende dingen doen. Of het gewoon accepteren.’
Ik kijk van zijn linker naar zijn rechteroog. Hij doet hetzelfde bij mij. Het lijkt alsof ze elkaar achtervolgen. Ik word er duizelig van.
‘En waarom het jouwe?’ vraag ik.
‘Wat?’
‘Waarom fuck your life?’
Hij pakt mijn hoofd tussen zijn handen en kijkt me recht aan. Onze ogen komen tot stilstand.
‘Omdat het zo awesome is dat ik het zou moeten prostitueren, zo goed is het.’
‘Wauw,’ zeg ik.
‘Zeg dat wel,’ zegt hij, ‘zou je ook eens moeten proberen, eenhoorn.’ Hij laat mijn wangen los en wandelt weg.

Ik draai me terug naar Jim. Denk ik. Maar hij is er niet meer. De vierkante meter die de hele avond van hem was, wordt nu bedanst door twee jongens met eyeliner en lippenstift.
‘Jim!’ roep ik, totaal zinloos en zwaar overstemd door de harde muziek. Ik duw kleverige lijven aan de kant. Zoek zijn glanzende schouderlange haar. Zijn glinsterende oorbel. Het strikje dat ik hem voor zijn negentiende verjaardag gaf, toen hij net uit de kast was. ‘Jim!’ roep ik nog een keer.

Dan zie ik hem staan. Tegen de muur aangeleund, met de mond van de oudere man van de vorige keer dat we in de gaykelder waren op de zijne. De man die toen een T-shirt met Wanna dance around my pole? droeg. Die nu een leren tanktop met ritsen draagt. Er staat er eentje op zijn rug open. Ik zie er haar door naar buiten komen. Jim en ik hebben een hekel aan rughaar bij mannen.

Het lijkt alsof ze elkaar langzaam maar vakkundig aan het opeten zijn. Maar wat ze ook aan het doen zijn, Jim kijkt er intens gelukkig bij.

We lopen terug naar onze fietsen. Jim heeft zijn arm om mijn schouder geslagen, maar ik ben het die hem beschermt tegen nachtelijke gevaren zoals de harde stoeptegels en lantaarnpalen.
‘Ik dacht dat je niet viel op…’
‘Wat?’ zegt Jim.
‘Nouja… Mannen in leren tanktops met openstaande ritsen waar rughaar door naar buiten puilt.’
Jim haalt zijn schouders op. ‘Dat kon ik niet zien vanaf de voorkant.’
‘Maar de vorige keer heb je hem de hele avond afgewezen!’
‘Ik was te dronken om er geen zin meer in te hebben. En daar ben ik verdomme blij mee.’
Hij kijkt dromerig voor zich uit.
‘Denk je dat je hem nog eens gaat zien?’
Jim haalt onverschillig zijn schouders op. ‘Mooie dingen moet je niet willen herhalen.’ Hij hikt. We zwalken verder langs de gracht. De nacht is lauw, maar oneindig veel verfrissender dan de warmte in de kelder. Ik ben bij lange na niet dronken meer, maar het lijkt of ik een heel klein beetje zweef. Ik zweef vooruit met de arm van een van de fijnste mensen in de wereld om mijn schouder.
‘Weet je Marl,’ zegt Jim, en ik weet dat er iets heel serieus gaat komen, want hij noemt me bijna nooit Marl, ‘jij bent godverdomme echt een eenhoorn.’
Ik grinnik. ‘Wat bedoel je daar überhaupt mee?’
‘Daar kom je nog wel achter. Accepteer voorlopig maar gewoon dat je een super kracht hebt.’ Jim klinkt bloedserieus.
‘Wat bedoel je daar nou weer-…’
‘Sssst.’
‘Maar-…’
Het brengt ons tot stilstand en kijkt me recht aan. ‘Het betekent dat jij helemaal geen pottenoutfit nodig hebt om te overleven in een club. Jij bent niet gemaakt om onopvallend te zijn. Je bent een eenhoorn. Dat moet je omarmen. En het betekent nog heel veel meer. Maar dat komt wel.’
‘Dat komt wel,’ zeg ik.
Jim snuift de nachtlucht op. ‘Het leven is zo godverdomme mooi.’
Ik kruip wat dichter tegen hem aan. ‘Het is zo mooi dat we het zouden moeten prostitueren,’ zeg ik.
Jim lacht. ‘Fuck yeah,’ zegt hij.

 

« terug naar blog

Reageer

Wat lees ik?

Augusten Burroughs, Dimitri Verhulst, Jan Wolkers, gebruiksaanwijzingen, veiligheidsvoorschriften

Wat vind ik?

Een dobbelsteen in de blubber naast de tramrails. Een paraplu in mijn fietskrat. Een puntenslijper met twee ingangen naast mijn voordeur. Een baboesjkapoppetje in mijn brievenbus.

Wat kijk ik?

Man and chicken, Mary and Max, Harvie Krumpet, Catch me if you can, Chicken run, The never-ending story

Wat schreef ik?

Weekend Warriors (korte film, 2015). Watergames (korte film, 2015), Onderbeds (korte film, 2016). Takhil (korte film, 2016), Ministerie van Relatielegetimatie (Korte film, 2016), Anita's roedel (korte documentaire, 2018)

Quote

“Ik blijf mijn hele leven bij jou wonen.” Hij glimlachte. “Dat denk je nu.” “Dat blijf ik altijd denken.” “Ooit wil je hier weg. Dan wordt dit eiland te klein voor jou.” “Niet, het blijft hier altijd even groot.” “Maar jij niet.” “Dan begin ik een eigen eiland. Daar.” Ik wees met mijn want richting de plek waar het ijs overging in slobberende golven. “Als ik elke dag op dezelfde plek een kei gooi, dan komt daar vanzelf een eiland.” (Uit Birk, door Jaap Robben)