Nieuwste onderwerp

Onderzoekstafel

Radiologie, wachtruimte één. Ik ben nou eenmaal zo iemand waarbij er altijd iets te repareren is.

Een assistente komt de wachtruimte in. ‘Meneer Smeenge?’
‘Mevrouw,’ zeg ik, ‘Of mejuffrouw zelfs.’
Ze kijkt me geschrokken aan. Blikt achterom naar de deur waar ze net doorheen is gekomen. Alsof ze met haar ogen door de muur van de röntgencontrolekamer heen kan kijken. Alsof ze vanaf hier kan zien of de naamsticker op mijn dossier of zijzelf zich vergist. ‘Hoe ik daar nou bij kom…’ zegt ze. Ze bekijkt me van top tot teen.
‘Waar moet ik naartoe?’
Ze schrikt op. Wijst naar een deur met een twee er op.
‘Je mag je schoenen en je broek uittrekken,’ zegt ze.
Ik stap het kleedhokje in. Vanaf de andere kant trekt een andere assistente vrijwel direct de deur open. Ik trek net mijn riem los.
‘Hoi,’ zeg ik.
Ze lijkt te schrikken. Bekijkt me van top tot teen. Dan ziet ze mijn hand op mijn riem en wandelt snel weg.

Ik kom naar buiten.
Ze staart regelrecht naar mijn slipje. Alsof ik daar iets verstopt hou. Blikt naar boven. Kijkt in mijn gezicht.
‘Mevróúw Smeenge?’ zegt ze.
Ik knik. Ik zou nu zoveel kunnen zeggen. Over hoe naar het moet zijn om transgender te zijn en de hele tijd dit soort vragen en blikken en verwarring over je heen te krijgen. Dat ik niet eens een transgender ben maar dat ik al zin krijg om haar te berispen. Dat je als arts niet zo mag staren. Want dat ik mijn ondergoed tegenover haar sta en dat dat al ongemakkelijk is. Om nog maar te zwijgen over het feit dat ik straks in allemaal rare posities ín mijn ondergoed op een onderzoekstafel moet gaan liggen. En dat terwijl zij nog steeds staart, maar dan vanachter een raam dat ik niet kan zien vanaf de tafel.
‘Zie je dat niet?’ zeg ik, en ga zonder dat ze me er toestemming voor heeft gegeven op de onderzoekstafel liggen.

« terug naar blog

Reageer

Wat lees ik?

Augusten Burroughs, Dimitri Verhulst, Jan Wolkers, gebruiksaanwijzingen, veiligheidsvoorschriften

Wat vind ik?

Een dobbelsteen in de blubber naast de tramrails. Een paraplu in mijn fietskrat. Een puntenslijper met twee ingangen naast mijn voordeur. Een baboesjkapoppetje in mijn brievenbus.

Wat kijk ik?

Man and chicken, Mary and Max, Harvie Krumpet, Catch me if you can, Chicken run, The never-ending story

Wat schreef ik?

Weekend Warriors (korte film, 2015). Watergames (korte film, 2015), Onderbeds (korte film, 2016). Takhil (korte film, 2016), Ministerie van Relatielegetimatie (Korte film, 2016), Anita's roedel (korte documentaire, 2018)

Quote

“Ik blijf mijn hele leven bij jou wonen.” Hij glimlachte. “Dat denk je nu.” “Dat blijf ik altijd denken.” “Ooit wil je hier weg. Dan wordt dit eiland te klein voor jou.” “Niet, het blijft hier altijd even groot.” “Maar jij niet.” “Dan begin ik een eigen eiland. Daar.” Ik wees met mijn want richting de plek waar het ijs overging in slobberende golven. “Als ik elke dag op dezelfde plek een kei gooi, dan komt daar vanzelf een eiland.” (Uit Birk, door Jaap Robben)