Nieuwste onderwerp

Krentenbol

Er is een verhaal over een meisje. Een waargebeurd meisje. Ik noem haar, bij wijze van werktitel Krentenbol. Krentenbol dankt haar naam aan de manier waarop ze krentenbollen eet. Ze heeft boven en onder een beugel. Dit vergemakkelijkt de consumptie niet. Het verhaal begint in de V&D. Krentenbol staat bij de kassa van de eetgelegenheid. Ze staart uit het raam.
Ze ziet twee jongens op een dak. Ze zitten op rieten stoeltjes en drinken bier. Krentenbol is nog heel klein, ze moet een beetje lachen als ze die jongens ziet. Zou zij ooit ook vrienden krijgen waarmee ze op het dak biertjes drinkt. Ze denkt van niet. We denken allemaal van niet. Toch is Krentenbol tegelijk best groot. Ze zit al op de Middelbare school. Haar vriendinnen drinken soms biertjes. En ze dragen ook al een beha. Krentenbol niet.
‘Wat is dit?’ vraagt ze zich af. Ze houdt twee plastic bakjes omhoog. De mensen die langslopen kijken haar een beetje ongemakkelijk aan. ‘Mayonaise,’ verbreekt iemand de stilte. O ja, denkt Krentenbol. Natuurlijk, gewoon mayonaise.
Ze pakt een handvol mayonaisebakjes en loopt naar haar twee moeders. Krentenbol heeft twee moeders. En een grote en een kleine broer. Ze zijn allemaal in de V&D want Krentenbol heeft vanavond een uitvoering. Een uitvoering van haar school. Ze kon niet meer naar huis om te eten. Haar grote broer staat buiten te wachten bij de lantaarnpaal. Hij heeft geen honger, zegt hij. Krentenbol had graag gewild dat hij mee naar binnen ging. Maar ze had het niet meer tegen hem kunnen zeggen. Haar moeders sleepten haar te snel mee naar binnen. Allebei aan haar andere arm. En Krentenbol is zo licht dat ze dan ook even wordt opgetild. Je broer blijft buiten, zeiden haar moeders. Dat vindt hij leuker. Krentenbol gelooft het niet.
Haar broer heeft eens met haar gevliegerd, drie jaar geleden op Vlieland. Hij had een groot zeildoek aan haar vastgebonden. Hij pakte haar bij haar enkel en daar vliegerde ze. Haar moeders waren niet in de buurt geweest. Het was niet erg prettig, maar Krentenbol had geen kik gegeven. Meestal besteedt haar broer geen aandacht aan haar. Ze moest er dus maar van genieten.
Krentenbol heeft twee bakjes sla en zes bakjes mayonaise. Haar ene moeder is al haar sla in één bakje aan het stoppen. Soms valt er een stukje tomaat uit haar vingers. Haar handen glanzen van de dressing. ‘Sla dit maar aan als één bakje sla,’ zegt ze tegen de cassiere. Krentenbol kijkt op het schermpje. 1x sla, staat er. Met haar hoofd naar beneden gericht doet ze de sla weer in twee bakjes.
‘Snel eten,’ zeggen haar moeders. Snel eet ze. Ze wordt aan haar armen weggetrokken van de sla. Richting het zaaltje waar ze vanavond gaat zingen met haar klasgenootjes. Helemaal links op het podium staat ze. Tegen de zijkant aangedrukt. Ze durft niet zo hard te zingen.
‘Dag,’ zeggen haar moeders. ‘Doe je best met zingen.’ Ze kijken niet naar de ouders van haar klasgenootjes. Haar moeders hebben nog meer te doen. Snel lopen ze terug naar hun auto.
Krentenbol gaat snel op het podium staan. Haar klasgenoten stoten elkaar aan. De zaal zit helemaal vol. Vaders en moeders. Achterin zwaaien er een paar. Haar klasgenootjes zwaaien terug. Steeds meer mensen gaan zwaaien. Het is een grote zwaaiende menigte. Sommigen zwaaien met lange halen, anderen met kleine wapperende beweginkjes. Om haar heen staan haar klasgenootjes te glunderen, met roodgestifte lippen en gekamde haren. Ze zwaaien allemaal trots naar hun ouders.
De eerste tonen van de piano klinken al. Krentenbol doet langzaam haar hoofd omhoog, en zwaait, bijna onzichtbaar naar de zaal. Als ze haar ogen dichtdoet, gelooft ze bijna, dat er iemand terugzwaait.

« terug naar blog

Reageer

Wat lees ik?

Arnon Grunberg, Jonathan Safran Foer, Philip Roth, Haruki Murakami, Harry Mulisch, Gabriel García Marquez, Isabel Allende, Milan Kundera, de Volkskrant

Wat luister ik?

the weepies, the tallest man on earth, noah and the whale

Wat kijk ik?

De wereld draait door, journaal

Quote

‘Ik verlang naar een wereld van fictie waarin ik zelf mag bepalen hoe het drama zich ontwikkelt en wat de afloop is.’ A.F.Th. van der Heijden